Job Cohen: ‘Ik wil kunnen vertrouwen’

Momenteel zien sommigen hem voornamelijk als onervaren PvdA-lijsttrekker of  vroedvrouw van rechts, maar er was  een tijd dat hij ‘gewoon’ burgemeester van Amsterdam was. In die tijd ontving hij tijdens de Dies van de Radboud Universiteit Nijmegen een eredoctoraat. Naar aanleiding daarvan toog ik met een pak kaarten naar Amsterdam en sprak hem op zijn kantoor over de hoogte- en dieptepunten van zijn burgemeesterschap, de multiculturele samenleving en zijn freecell-verslaving. En over de landelijke politiek waar hij inmiddels tot over zijn oren in zit. “Jammer dat de mensen politici zo wantrouwen.”

Lees het interview hieronder, of bekijk  hier de pdf.


7 uit 52
Een student of medewerker in het nieuws trekt zeven kaarten uit een set van 52, met vragen over leven en universiteit. Burgemeester Job Cohen trok de kaarten ♠5, ♦8, ♥5, ♥4, ♣3, ♥9 en ♥7.

Job Cohen krijgt 15 mei een eredoctoraat vanwege zijn bestuurlijke kwaliteiten. De Amsterdamse burgemeester staat bekend om zijn inspanningen om groepen in de samenleving samen te brengen. Een belangrijk stokpaardje is de dialoog. “Iedereen die denkt dat het anders kan, heeft écht ongelijk.”

♠5 Wat bewondert u het meest in anderen?
“Helderheid en eerlijkheid. Het is bewonderenswaardig als iemand goed duidelijk kan maken wat hij vindt. En eerlijkheid, omdat ik het heel prettig vind als ik het gevoel heb mensen te kunnen vertrouwen.”

Komt u die eigenschappen veel tegen in de politiek?
“Ja hoor, ik ben daar niet zo somber over. Natuurlijk niet bij iedereen, maar ik kom genoeg oprechte mensen tegen. Helaas wordt daar op het ogenblik veel aan getwijfeld, juist door mensen die niet in de politiek zitten. Bijvoorbeeld het Kamerdebat over Fitna: ondanks alles geloven veel mensen dat de minister van Justitie liegt. Daaruit spreekt een enorm wantrouwen in de politiek, een gevoel dat datgene wat politici zeggen niet deugt.”

♦8 Wat is uw slechtste gewoonte?
“Ik speel te veel freecell, een ontzettend simpel kaartspel op de computer. Voordat ik naar bed ga, vind ik het heerlijk om op die manier nog even rustig tot mezelf te komen. Uiteindelijk besteed ik er altijd te veel tijd aan en denk ik anderhalf uur later ‘goh, dat had ik toch niet moeten doen’.”

En op professioneel gebied?
“Ik kan lang de tijd nemen om te besluiten welke kant ik op wil, vooral bij ingewikkelde zaken. Daar kunnen mensen in mijn omgeving gek van worden. Lang nadenken leidt er wel toe dat ik alle argumenten uiteindelijk kan dromen. En als ik eenmaal een besluit heb genomen, moet je ook met tien paarden aankomen om me nog de andere
kant op te duwen.”

♥5 Bent u honkvast?

“Redelijk. Mijn beste vrienden ken ik van de middelbare school en universiteit. Met de vriendengroep uit mijn studententijd ga ik nog ieder jaar op vakantie. Ook wat betreft thuisbasis ben ik best honkvast. Uit Amsterdam zie ik mezelf niet snel weer weggaan. Ik hou van de mentaliteit hier.”

Welke mentaliteit is dat?
“Het lijkt een beetje op een universitaire mentaliteit. Op universiteiten zitten verdomd eigenwijze mensen. Dat moet ook, anders hoor je er niet thuis. Amsterdammers zijn ook verdomd eigenwijs. Wat ik heb geleerd op universiteiten, valt hier prima in praktijk te brengen.”

♥4 Wat is de balans tussen werk en thuis?
“Die slaat wel een beetje door in de richting van werk. Dat is onvermijdelijk, burgemeester ben je de hele week door. Tegelijkertijd is het leuke van het burgemeesterschap dat ik ontzettend veel met het thuisfront samen kan doen. Naar evenementen als ontvangsten en uitreikingen neem ik mijn vrouw vaak mee.”

Wilt u het werk nooit eens echt helemaal achter u kunnen laten?
“Nee, want dit is een fantastische functie voor mij. Mijn hele leven ben ik bezig geweest met besturen; op de middelbare school zat ik al in het schoolbestuur. Het is de combinatie van leuk en moeilijk die besturen interessant maakt. Burgemeester van Amsterdam is wat dat betreft een van de mooiste functies. Ik geniet daarvan, ook op momenten dat het moeilijk is.”

Wat zijn de moeilijke momenten?

“De problematiek van de multiculturele samenleving speelt een steeds prominentere rol. Een grote stad betekent per definitie ‘de boel bij elkaar houden’. Daar zitten zoveel totaal verschillende mensen op een klein stukje grond. De kunst is om het zo te organiseren dat zo weinig mogelijk mensen elkaar zo weinig mogelijk in de weg zitten. Dat botst en dat knettert soms. Prachtig om daar een rol in te spelen als burgemeester.

“De laatste jaren is de samenleving er echter niet makkelijker op geworden. Ik zal niet beweren dat de boel in Amsterdam nu meer bij elkaar is dan toen ik begon. Betekent dat dat ik het allemaal niet goed heb gedaan? Dat denk ik niet. Niemand weet hoe een andere aanpak zou hebben uitgewerkt. Daarnaast ligt Amsterdam er relatief goed bij in vergelijking met andere delen van het land. De woede die momenteel in de samenleving heerst, dat is hier minder. De aanhang van Wilders en Verdonk is bijvoorbeeld klein in Amsterdam.”

♣3 Bent u ijdel?
“Vast wel. In een publieke functie als deze moet ijdelheid wel een rol spelen. Aan de andere kant geloof ik niet dat ik ongelofelijk ijdel ben; ik sta niet iedere dag voor de spiegel en probeer niet altijd op mijn paasbest tevoorschijn te komen. Ik probeer te zijn zoals ik ben.”

♥9 Waar hebt u spijt van?
“Dat ik in mijn studententijd niet een jaar naar het buitenland ben gegaan. Tegenwoordig worden de mogelijkheden bij wijze van spreken op een goudschaaltje aangereikt, zo werkte dat in mijn studententijd niet. Toch had het makkelijk gekund, ik heb er toen gewoon niet over nagedacht. Ik heb me altijd voorgenomen: mijn kinderen moeten en zullen naar het buitenland. Bij zowel mijn zoon als dochter is het gelukt.”

♥7 Waar raakt u gestresst van? En maakt u dat vaak mee?
“Meestal ben ik redelijk ontspannen, mede door mijn ervaring. De echte crisissituaties, daarin heb ik nog wel eens last van een zekere stress. Zoals de moord op Van Gogh, dat was alle hens aan dek. De periode daarna was erg lastig, een tijd vol kritiek op Amsterdam en de manier van besturen.”

Zijn de gevolgen nu nog merkbaar?
“De onrust en het gevoel van onveiligheid vlak daarna is ondertussen wel gedempt. Maar het speelt nog steeds in de state of mind van de mensen. Wonderlijk om te merken dat de afkeer van moslims en de islam groter is bij mensen die er minder van afweten en minder mee in aanraking komen. Het vreemde vinden wij vreemd; een zin die ik graag mag gebruiken.”

En de oplossing is het samenbrengen van groepen?
“Ik zou niet weten hoe het anders moet. Zo gaat het al eeuwen;je kunt wel een tijdje vechten, maar dat houdt pas op als je weer gaat praten. De dialoog is absoluut noodzakelijk. Iedereen die denkt dat het anders kan, heeft écht ongelijk. Ik maak me wel zorgen over de oprukkende extremen aan links en rechts. Dat is niet waar ik thuishoor. Ik ben linksmidden, met alle twijfels die daarbij horen.”

Twijfels?
“Er zijn zoveel zaken waar je over moet nadenken en de verschillende argumenten van moet bekijken. Mensen die niet twijfelen, weten altijd onmiddelijk precies hoe het zit. Dat weet ik nooit zo goed.”

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s